← Table of contents
De Nederlandsche Geslachtsnamen in Oorsprong, Geschiedenis en Beteekenis

Note 32 — III. Geslachtsnamen van allerlei oorsprong.

Reading edition

Ook de geslachtsnamen Den Dievel en Den Engel met Engel houd ik voor oude bynamen. Dievel is de oud-vlaamsche form van het woord duivel; Kiliaan vermeldt het nog in dezen form. Ook de friesche taal heeft in overeenkomst met het engelsche woord devil, divel voor duivel. Den Dievel is, als geslachtsnaam, in Vlaanderen inheemsch, en aldaar reeds van oude dagteekening. Immers vermeldt een grafschrift in de St.-Jans-kerk te Sluis in Vlaanderen zekeren Cornelis de Dievele, »die starf in ’t jaer 1496”.32 Dat het volk aan dezen of genen boosaardigen man den bynaam geeft van duivel, komt nog dageliks voor; bynamen als Piet den Duivel, Hein de Duvel of Durk Divel (in Friesland) kan men in onze achterbuurten wel hooren gebruiken. Maar in andere gevallen kan zulk een geslachtsnaam ook wel aan den naam van een huis, waar »de Duyvel” uithing, ontleend zijn. »In de 15de eeuw vindt men onder de regeeringsleden” (van Amsterdam) »een familie Boel, en een tak daarvan voerde den toenaam van Duyvel. In 1420 was Jacob Boel, gezegd Duyvel, Burgemeester, in 1470 Jacob Boel Claasz, gezegd Duyvel, Schepen, en in 1486 Coert Jacobsz. Boel, gezegd Duyvel, Schepen en in 1490 tevens Raad. ’t Is niet te onderstellen, dat men aan mannen, die alzoo bleken het vertrouwen hunner medeburgeren te bezitten, dien leelijken toenaam zou gegeven hebben, of dat zij zich dien zouden hebben laten aanleunen, indien het niet was omdat het huis, door hen bewoond, naar het teeken dat er uithing, dien naam voerde. Ook een geslacht van dien naam was er in de laatste helft der volgende eeuw te Amsterdam bekend en een der leden daarvan behoorde tot de Watergeuzen.”33

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings