Note 13 — De Zotheid vooral maakt de Goden aantrekkelijk.
J. B. Kan translation
Zoo hebben de Goden, nu hij weg is, het veel vrijer en prettiger bij hun dwaasheden: zij leiden nu inderdaad, om met Homerus te spreken, een veel gemakkelijker leventje, daar niemand toch den zedenmeester over hen speelt. Wat haalt die vijgenhouten Priapus13 al niet voor snakerijen uit! Wat veroorzaakt Mercurius niet een pret door zijne dieverijen en slinksche streken! Ja, Vulcanus zelf speelt gewoonlijk op der Goden gastmalen voor hansworst en vervroolijkt nu eens door zijn hinken, dan weer door zijn plagerijen of ook door zijn aardigheden hun drinkgelagen.14 Dan pleegt ook Silenus15, die oude liefhebber, den cancan te dansen, waarbij zich Polyphemus16 en de Nymphen voegen, wier onder schetterende muziek uitgevoerde dansen niet veel welvoegelijker zijn.