Note 22 — Hoed1.
Albin de Kazimirski Biberstein translation
Dat is: verzuim niet aan boord te gaan. Overeenkomstig eene andere lezing moeten de volgende woorden aldus worden vertaald: “Wie haar zal doen voortbewegen en stil liggen,” als de gelegenheid dit vordert. De uitleggers verhalen, dat de ark zich voortbewoog of stil lag, al naar Noach dit verlangde, alleen door het uitspreken der woorden: “In den naam van God” (Al Beidâwi, enz.) Men dient niet uit het oog te verliezen, dat de meer oordeelkundige uitleggers de afmetingen van de ark zoo opgeven, dat die overeenkomen met de door Mozes vermelde (Al Beidâwi, enz.) niettegenstaande deze door anderen op overdreven wijze zijn vergroot (Yahya, Zie Marracc, in Alcor. p. 340, gelijk door sommige christelijke schrijvers (Origen. contr. Cels. lib. 4. Zie Kircher de Arca Noë c. 8) mede is geschied. Zij verhalen eveneens, dat Noach twee jaren gebruikte om de ark te bouwen, die van Indiaansch ahornhout was samengesteld (Al Beidâwi) d’Herbelot p. 675 en Eutych, p. 34); dat zij in drie verdiepingen was afgedeeld, waarvan de onderste was bestemd voor de dieren, de middelste voor de mannen en vrouwen en de bovenste voor de vogels (Al Beidâwi, Eutych. p. 34) en dat de mannen van de vrouwen waren afgescheiden door het lijk van Adam, dat door Noach in de ark was medegenomen (Yahya). Dit laatste is eene overlevering van de Christenen uit het Oosten (Jacob. Edessenus, apud Barcebham, de Parad. Pars. I, Cap. 14. Eutych, ubi sup. t. a. pl., etiam Eliezer pirke Cap. 23), van welke sommige beweren dat de huwelijksplicht was opgeheven gedurende den tijd dat Noach en zijn gezin in de ark waren (Ambros. de Noa et Arca Cop. 21) Cham wordt echter beschuldigd de onthouding niet in acht genomen te hebben, daar Cansan in de ark werd voortgebracht (Heidegger, Hist. Patriarch. VI, p. 409).