← Table of contents
De Groote Pyramide

Note 1 — Nog enkele theorieën over de bestemming en symboliek der Groote Pyramide.

Reading edition

Hoe verklaart Proctor dan zelf de sterrekundige kenmerkende eigenaardigheden van bouw en samenstelling der Groote Pyramide? Hij zegt1 dat aan alle Egyptische Pyramiden het een of ander sterrekundig plan ten grondslag ligt en dat zulk een plan bij de Groote Pyramide met bijzondere nauwgezetheid uitgevoerd werd, welke er op duidt dat het een vereischte was het bouwwerk zelf en eveneens de onderdeelen in een bepaalden astronomischen stand te plaatsen, en wel voornamelijk om deze reden, dat de Pyramide “bedoeld was dienst te doen als een sterrekundig observatorium”. Deze bedoeling vooropstellende is het duidelijk dat de bouwers de gangen van het bouwwerk benutten om den juisten stand en de plaats van elk deel van het geheel te bepalen. De benedenwaarts leidende gang werd gericht naar de Poolster. Nadat deze benedenwaarts leidende gang het noordelijk zijvlak bereikt had werd het bij het bouwen van de opwaarts leidende gang (zie de teekening van het inwendige) noodzakelijk op eene andere wijze de Poolster te observeeren. Dit werd tot stand gebracht door de nieuwe gang te bouwen in zoodanige richting, dat de lichtstralen van de Poolster hierin opwaarts vielen, na weerkaatst te zijn op een horizontale oppervlakte. Om deze weerkaatsende horizontale oppervlakte te verkrijgen werd de benedenwaarts leidende gang afgesloten aan het ondereinde, en daarna gedeeltelijk gevuld met water, op welks stilstaande oppervlakte de stralen van de Poolster weerkaatst werden. De bouwers werkten dus met betrekking tot het meridiaanvlak.

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings