← Table of contents
De grondbeginselen der Nederlandsche spelling

Note 9 — Tweede afdeeling. (continued 2)

Reading edition

127. Het tweede lid der samenstellingen buskruid en rattenkruid (gelijk men gewoon is te schrijven) is thans door zijne beteekenis gescheiden van kruid (herba). Het doet ons veeleer denken aan stof, poeder, dan aan een product van het kruiden- of plantenrijk. Wel is waar hebben de jongste onderzoekingen geleerd, dat wij hier niet (gelijk de Redactie vroeger vermoedde) met twee verschillende woorden te doen hebben, maar met een zelfde woord in twee uiteenloopende opvattingen9. Doch al is ook het eene, wat den oorsprong betreft, met het andere identisch, door de afwijkende beteekenis zijn zij voor ons gevoel nu eenmaal verschillend geworden. Wij kunnen bij den naam van het salpeterpoeder, waarmede wij ons schietgeweer laden, of bij dien van het metaalpoeder, dat wij gebruiken om ratten te dooden, niet meer aan een kruid of gewas denken. Reeds daarom is het wenschelijk, het onderscheid van beteekenis ook in de spelling te doen uitkomen. Daar komt bij, dat het woord in den zin van poeder nu, zoo al niet tot de onverbuigbare, dan toch tot de onverbogen woorden behoort, aan welke de taal liefst de scherpe sluitletter pleegt toe te kennen. Wij meenen daarom in deze beteekenis de t te moeten bezigen, en schrijven dus kruit (pulvis pyrius), buskruit en rattenkruit, ter onderscheiding van kruid (herba), onkruid, nieskruid, wormkruid enz. Evenzoo schrijft men algemeen schroot, omdat ook dit woord nu niet meer verbogen wordt, ofschoon het, naar zijn oorsprong beschouwd, insgelijks de d zou vereischen; want schroot (bij Kiliaan schroode en schroye) is eene afleiding van het oude werkwoord schroden (snijden), en beteekent eigenlijk snijdsel, t.w. de afgesneden of afgehakte stukken ijzerwerk, waarmede men het geschut in plaats van met kogels laadt. In de beide woorden schroodbeitel en schroodijzer, waarin de beteekenis van schroden nog gevoeld wordt, is de d behouden gebleven; maar schroot, door veranderde opvatting geheel van zijnen oorsprong vervreemd en daarenboven niet meer verbogen, heeft voorgoed de t aangenomen. Op dezelfde wijze behoort dan ook kruit van kruid gescheiden te worden, nu het eenmaal door veranderde beteekenis een ander woord is geworden.

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings