Note 2 — INLEIDING.
Reading edition
Op deze waarachtige historie grondt zich myn ongeloof aan de buitengewone fatsoenlykheid van de Hallemannetjes, en ik hel over tot de meening dat dit fatsoen eigenlyk niets was dan ’n uitvindsel van Wouter’s moeder, omdat ze “nauw behuisd” was. ’t Is de vraag of zy ooit iets zoo byzonder fatsoenlyks in die kinderen zou ontdekt hebben, als ze kans had gezien Wouter met wat nut te gebruiken in ’t huishouden.2