← Table of contents
De Decamerone van Boccaccio

Note 4 — Vierde Dag.

J. K. (Jacques Karel) Rensburg translation

In onze stad leefde al lang geleden een burger, die Filippo Balducci heette, een man van zeer nederige afkomst, maar rijk en zeer benijd en ervaren in de zaken betreffende zijn beroep. Hij had een vrouw, die hij zeer beminde en zij hem; zij leidden samen een rustig leven en deden voor niets meer hun best dan om elkaar geheel te behagen. Nu gebeurde het als met elkeen, dat de goede donna kwam te sterven en aan Filippo niets anders van haar naliet dan een zoon door haar ter wereld gebracht, die misschien twee jaar oud was. Hij bleef over den dood van zijn donna zoo troosteloos als ooit iemand, wanneer die een geliefd wezen verloor. En ziende, dat hij alleen was gebleven zonder de gezellin, die hij het meest beminde, nam hij zich voor niet meer van deze wereld te zijn maar zich te wijden aan den dienst van God en hetzelfde te doen met zijn kleinen zoon. Nadat hij daarom alles aan de armen gegeven had, ging hij zonder verwijl naar den berg Asinajo4 en daar trok hij zich met zijn zoon in een kleine hut terug, waarin zij beide van aalmoezen in vasten en bidden leefden en hij zich ten sterkste er voor hoedde met zijn zoon van eenige wereldlijke zaak te spreken of hem er iets van te laten zien, opdat dit hem niet van dezen dienst afleiden zouden, maar altijd van de glorie van het eeuwige leven en van God en van de heiligen en leerde hem niets anders dan de heilige gebeden en hij liet hem vele jaren zoo leven, en nooit uit de hut gaan of hem ooit iets anders aanschouwen. De eerwaarde man placht soms naar Florence te gaan en vandaar, geholpen naar zijn behoeften, keerde hij naar zijn hut terug. Toen de jongen al achttien jaar was en Filippo al oud, vroeg hij hem eens, waar hij heenging. Filippo zeide het hem. De jongen antwoordde: Vader, gij zijt nu oud en kunt slecht vermoeienis verdragen; waarom brengt gij mij niet een keer naar Florence, opdat, wanneer gij mij de vrienden en vromen van God en van u doet kennen, ik die jong ben en mij beter kan inspannen, voor onze behoeften later naar Florence kan gaan, wanneer het u bevalt? En gij kunt dan hier blijven.

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings