← Table of contents
De Decamerone van Boccaccio

Note 10 — Vierde Dag.

J. K. (Jacques Karel) Rensburg translation

Marseille is gelijk gij weet gelegen in Provence aan den oever der zee, een antieke en zeer voorname stad en die vroeger vol was van rijke lieden en van grooter kooplui dan men heden ziet. Onder deze was er een Arnaud Claude genaamd, een man van geringe geboorte, maar van goede trouw en eerlijke koopmanschap grenzeloos rijk aan bezittingen en geld, die van zijn vrouw meerdere dochters had, van welke drie meisjes waren ouder dan de zonen. Van de eerste waren er twee tweelingen van vijftien jaar en de derde was veertien. De ouders verwachtten niets anders om ze te huwen dan de terugkeer van Arnaud, die met zijn waren naar Spanje was gegaan. Van de twee eersten waren achtereenvolgens de namen Ninetta en Madeleine, de derde heette Berthole. Op Ninetta was een jong edelman, die helaas arm was en Restagnon heette, vurig verliefd en het meisje op hem. Zij hadden zoo te werk weten te gaan, dat, zonder dat iemand ter wereld het wist, zij in hun liefde zich verheugden en reeds hadden zij zich er een heelen tijd in verblijd, toen twee jonge metgezellen, waarvan de een Fouques heette en de ander Hugues en waarvan de vaders dood waren en die zeer rijk achter bleven, de een op Madeleine en de ander op Berthole verliefd werden. Restagnon bemerkte dit, daar Ninetta hem er op gewezen had en dacht zijn eigen geldgebrek te kunnen overwinnen door hun liefde. Hij verbond zich met hen en vergezelde dan den een en dan den ander en soms beide om hun donna’s en de zijne te zien en toen hij genoeg met hen bekend en bevriend was, riep hij ze eens bij zich thuis en zeide tot hen: Zeer waarde jongelui, onze omgang kan u verzekerd hebben, hoe groot de vriendschap is, die ik u toedraag en dat ik voor u zou doen, wat ik voor mij zelf zou verrichten en omdat ik u zeer mag lijden, wil ik u uiteenzetten wat mij is te binnen gevallen en daarna zult gij met mij samen die partij kiezen, welke u het voordeeligst zal schijnen. Gij, als uwe woorden niet liegen en ook door wat ik uit uw daden bij dag en nacht meen te begrijpen, brandt van zeer groote liefde voor de twee jonge dames door u bemind en ik voor de derde, hun zuster voor welken gloed, als gij het eens kunt worden, het hart mij een zeer zacht en aangenaam geneesmiddel wijst, namelijk dit: Gij zijt zeer rijke jongelieden, wat ik niet ben; indien gij uw bezittingen tot een wilt verbinden en mij tot den derden bezitter met u te samen er van wilt maken en overleggen naar welk deel der wereld wij willen gaan om een heerlijk bestaan met hen te hebben, geeft mijn hart mij zonder twijfel mij in het volgende te doen: dat de drie zusters met een groot deel der goederen van hun vader met ons mede zullen gaan, waarheen wij willen en daar kan ieder met de zijne en wij dus als drie broeders, leven als de tevredenste menschen, die er op de wereld zijn te vinden. Aan u staat het verder partij te kiezen door u hiermee te vereenigen of het na te laten. De twee jongelieden, die zeer ontgloeiden, toen zij hoorden, dat zij hun meisjes zouden krijgen, vermoeiden zich niet te veel met beraadslagen, maar zeiden, dat men dit moest navolgen, wat zij bereid waren te doen. Toen Restagnon dit antwoord van de jongelieden ontvangen had, ontmoette hij een paar dagen later Ninette, bij wien hij niet zonder groote moeite kon komen en nadat hij eenigen tijd met haar samen was geweest, vertelde hij haar wat hij met de jongelui afgesproken had en deed zijn best met vele redeneeringen haar dit voornemen te doen bevallen. Maar dit beviel haar zeer, omdat zij nog meer dan hij verlangde hem zonder argwaan te zien. Daarom antwoordde zij vrijmoedig, dat zij het goed vond en dat de zusters en het meest hierin, dat zouden doen wat zij wilde, en zeide hem, dat hij elk gunstig middel hiertoe zoo gauw hij kon, moest aanwenden. Restagnon keerde tot de jongelieden terug, die hem sterk aanspoorden tot wat hij besproken had en hun zeide, dat van den kant van hun donna’s het werk op den goeden weg was, Zij beraadslaagden onder elkaar om naar Creta te gaan, verkochten enkele bezittingen die zij hadden onder voorwendsel baar geld te krijgen voor den handel, maakten al het andere te gelde, kochten een fregat en bewapenden dit heimelijk geheel, en wachtten den gegeven termijn af. Anderzijds zette Ninette, die genoeg van de begeerte van haar zusters wist, met mooie woorden hen tot zooveel verlangen hiernaar aan, dat zij zich verbeeldden niet meer te kunnen leven, eer dit gebeurd was. Toen de nacht aanbrak, waarin zij het fregat moesten bestijgen, haalden de drie zusters na een groote kist van hun vader geopend te hebben, daaruit een zeer groote hoeveelheid geld en juweelen, gingen hiermee alle drie volgens de afspraak stil uit het huis en vonden de drie minnaars, die hen wachten. Met hen bestegen zij dadelijk het schip, staken de riemen in het water en gingen weg. Zonder zich ergens op te houden kwamen zij den volgenden avond te Genua, waar de jonge minnenden voor het eerst weer vreugde en genoegen hadden van hun liefde. Nadat zij zich voorzien hadden van al wat zij noodig hadden, gingen zij weg en van haven tot haven kwamen zij, voor acht dagen om waren, zonder hindernis op Creta, waar zij zeer groote en schoone gronden kochten en zij vrij dicht bij Candia10 zeer fraaie en aangename woningen deden bouwen. Daar begonnen zij met veel bedienden, met honden en vogels en paarden, bij gastmalen en feesten en in vreugde met hun donna’s als de tevredenste menschen ter wereld bij wijze van baronnen te leven. Aldus gelijk wij iederen dag zien, dat de aangenaamste dingen vervelen, wanneer men er te grooten overvloed van heeft, begon Restagnon, die veel van Ninette gehouden had en die haar tot zijn behagen hebben kon en zonder eenige vrees genoeg van haar te krijgen en bijgevolg zijn liefde te verflauwen. Toen hij zich op een feest bevond, had een jong meisje van dit eiland hem zeer behaagd. Het was een schoone en lieve donna, die hij met den grootsten ijver volgde en hij begon haar wonderlijk te vieren en te eeren. Ninette merkte dit, werd zeer jaloersch op hem, zoodat hij geen pas kon verzetten of ze wist het en kwelde hem daarna met woorden en schimp. Maar gelijk de overvloed der dingen hinderlijk wordt, zoo vergroot de onthouding van begeerten het verlangen en zoo vermeerderden de scheldwoorden van Ninette de vlammen der nieuwe liefde van Restagnon. Door verloop van tijd—hetzij Restagnon de gunsten van de donna verkreeg of niet—verviel Ninette, die het van wie ze het ook hoorde, voor waar hield, tot zulk een droefheid, toen tot zulk een toorn en daarna tot zulk een woede, dat de liefde voor hem omsloeg in fellen haat, en zij besloot, verteerd door gramschap door den dood van Restagnon de beleediging te wreken, die zij meende, dat haar was aangedaan.

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings