Note 22 — Tweede Dag. (continued 3)
J. K. (Jacques Karel) Rensburg translation
Hij hield zich lang aan die gewoonte (niet zonder groote droefheid van de donna, van wie hij ternauwernood eens in de maand genoot), terwijl hij wel oppaste, dat een ander haar de werkdagen niet leerde gelijk hij haar de rustdagen had onderwezen. Toen het eens zeer warm was, kreeg messire Ricciardo lust om zich te gaan verpoozen op een mooie villa van hem, dicht bij Monte Nero, en daar eenigen tijd te blijven om met zijn schoone donna de buitenlucht te genieten. Terwijl hij daar verblijf hield, wilde hij, om haar eenig genoegen te verschaffen, haar eens laten visschen en in twee booten, waarvan hij in een was met de visschers en zij in een andere met andere donna’s, gingen zij toekijken. Het genoegen sleepte ze voort, zoodat ze zonder het te merken, verscheidene mijlen ver in zee dreven. Ze bleven daar aandachtiger toezien, tot opeens een galei opdaagde van Paganino Da Mare22, een beroemd zeeroover uit dien tijd, welke, toen deze de booten had bespeurd, zich daarheen richtte. Dezen konden zoo spoedig niet vluchten als Paganino die bereikte, waarin de vrouwen waren. Toen hij daarin de schoone donna zag, begeerde hij niets anders meer en bracht haar op zijn schip over onder de oogen van messire Ricciardo, die al op het land was en ging weer heen.