← Table of contents
De Decamerone van Boccaccio

Note 2 — Eerste Dag.

J. K. (Jacques Karel) Rensburg translation

Men vertelt dan, dat toen Musciatto Franzesi2 van een zeer rijk en groot koopman ridder was geworden en met Charles Sansterre, den broeder van den koning van Frankrijk naar Toscane moest komen, ontboden en tot gaan bewogen door paus Bonifacius, hij zijn gelden, gelijk vaak met die der kooplieden het geval is, hier en daar in veel credietbrieven had omgezet en ze niet gemakkelijk kon innen; hij dacht dit aan meerdere personen op te dragen en vond voor alles een middel; alleen bleef hij in twijfel wien hij voldoende kon vertrouwen om die van verschillende Bourgondiërs los te krijgen. De reden van dien twijfel was, dat hij wist, dat de Bourgondiërs twistzieke lieden van slecht soort en kwade trouw waren en er schoot hem niemand te binnen van zoo groote slimheid, dat hij er op aan kon, dat die er aan gewaagd was. Toen hij daarover lang genoeg had gepeinsd, dacht hij aan een zekeren sinjeur Ciapperello uit Prato, die dikwijls in zijn huis te Parijs verscheen. Daar de Franschen van hem, omdat hij klein van persoon was en zeer net van uiterlijk, niet begrepen, wat Cepparello wou zeggen, en geloofden, dat hij zich Chapelet noemde,—dat is krans in hun taal—gaven zij hem, daar hij klein was, gelijk wij zeiden, niet den naam van Cappello maar Ciappelletto en als Ciappelletto werd hij overal bekend, daar weinigen slechts hem als sinjeur Ciapperello kenden.

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings