Note 34 — Achtste Dag. (continued 2)
J. K. (Jacques Karel) Rensburg translation
Dit gebruik bestond ook in Palermo, waar vele schoone vrouwen zijn maar vijandinnen van eerlijkheid; dezen worden gehouden voor voorname en eerbare dames. Maar daar zij er op uit zijn de mannen niet te plukken maar te villen, als ze een koopman zien, vragen zij ook uit het tolboek, wat hij heeft en hoeveel hij kan betalen en daarna beproeven zij met hun bekoorlijke manieren en heele zoete woorden die kooplieden te bevangen. Zoo hebben zij er al veel verstrikt door hun een groot deel van hun koopwaren te ontrooven en er zijn er geweest, die er de koopwaar en het schip en vleesch en been hebben achtergelaten, zoo lief heeft de barbierster het scheermes weten te hanteeren. Nu, nog niet lang geleden, kwam daar gezonden door zijn patroons, een onzer jonge florentijnen Nicolo da Cignano genaamd, hoewel hij Salabaetto heette, met zooveel linnen overgebleven van de jaarmarkt van Salerno, dat het wel vijfhonderd goudguldens waard kon zijn. Nadat hij daarvan de factuur had gegeven aan de tolbeambten, deed hij dit in hun magazijn en zonder veel haast te maken voor den verkoop ging hij voor zijn ontspanning de stad rond. En daar hij blank en blond en heel aardig was en recht van lijf en leden, bespeurde zulk een barbierster, die zich Madonna Jancofiore34 noemde, iets van zijn doen en laten. Toen hij dit gewaar werd en dacht, dat ze een groote dame was, meende hij, dat hij door zijn knap uiterlijk beviel en nam hij zich voor die liefdesgeschiedenis in stilte door te zetten en zonder iemand er over te spreken wandelde hij langs haar huis heen en weer. Zij begon, nadat zij hem met lonken had ontvlamd, te doen of zij door hem verteerd werd en zond hem in ’t geheim een harer vrouwen, die uitstekend de kunst der koppelarij verstond. Deze met de tranen in de oogen zeide hem na veel praatjes, dat hij met zijn schoonheid en bekoorlijkheid de donna zoo had veroverd, dat zij dag noch nacht rust had en daarom, als het hem zou behagen, verlangde zij boven alles hem in een badhuis in ’t geheim te vinden en na een ring uit haar beurs gehaald te hebben gaf zij hem dien. Salabaetto, die dit hoorde, was de gelukkigste man van de wereld; hij nam den ring aan en na die aan de oogen te hebben gebracht en gekust, deed hij zich dien aan den vinger en antwoordde aan de vrouw, dat, indien madonna Jancofiore hem lief had, zij een goeden ruil had gedaan, omdat hij haar meer dan zijn leven beminde en dat hij gereed was te gaan, waar het haar aangenaam was en ten allen tijde. Toen de boodschapster aldus met dat antwoord naar haar donna was gegaan, zeide zij in welk badhuis hij den volgenden dag na den vesper moest wachten. Deze, zonder er over te spreken, begaf zich er op het hem bevolen uur heen en bevond, dat een badkamer door de donna besteld was. Het duurde niet lang, dat er twee slaven35 kwamen, de een beladen met een mooi en groot matras van katoen, de ander met een groote mand vol van allerlei dingen. Die matras werd uitgestrekt in een kamer van het badhuis op een rustbed, waarop men een paar lichte lakens met zijden randen legde en daarna een deken van zeer witte Cyprische katoen met twee wonderbaar bewerkte oorkussens. En nadat hij zich ontkleed had en in het bad was gegaan, waschten en wreven zij hem uitstekend. Het duurde niet lang of daarna kwam de donna met twee andere slaven in het bad. Toen zij alleen was, betuigde zij aan Salabaetto groote vreugde en na lange zuchten en hem verscheidene malen omhelsd te hebben, sprak zij: Geen ander dan gij had mij hiertoe kunnen voeren; gij hebt mij het vuur aan het wapen gezet, hond van een Toscaner. Hierop, gelijk het haar behaagde, gingen beide naakt in het bad met hen twee slaven. Zonder hem door een ander te laten aanraken waschte zij hem met muscus- en kruidnagelzeep en daarna liet zij zich wasschen en wrijven door de slaven. Toen dit gedaan was, brachten de slaven twee zeer witte en lichte lakens, waaruit zulk een sterke reuk van rozen kwam, dat het werkelijk rozen schenen en met het eene omwikkelden zij Salabaetto en met het andere de donna en na ze op den hals te hebben genomen droegen zij die beide te bed. En daar, nadat zij een oogenblik waren blijven uitdampen, werden de lakens door de slaven weggetrokken en bleven zij naakt liggen. Daarna haalde men uit de mand flacons van prachtig zilver, de een gevuld met rozenwater, de ander met sinaasappelbloesem, deze met jasmijnbloesem en gene met oranjebloesem-essence en besproeiden hen met al die parfumerie en nadat zij schotels hadden gebracht met meelspijzen en ook kostbare wijnen, versterkten zij zich.