← Table of contents
De afstamming van den mensch en de seksueele teeltkeus, deel 2 (van 2)

Note 5 — SECUNDAIRE SEKSUEELE KENMERKEN BIJ DEN MENSCH.

H. (Hermanus) Hartogh Heys van Zouteveen translation

In de Klasse der Zoogdieren waarmede wij hier meer bijzonder hebben te maken, gebruiken de mannetjes van bijna alle soorten hun stemmen gedurende den paartijd veel meer dan op eenigen anderen tijd; en sommigen zijn volkomen stom behalve gedurende dien tijd van het jaar. Van andere soorten gebruiken beide seksen of alleen de wijfjes, haar stemmen als een liefderoepstem. Als men deze feiten overweegt en tevens in het oog houdt, dat de stemorganen van sommige viervoetige dieren bij het mannetje veel meer zijn ontwikkeld dan bij het wijfje, en wel hetzij bestendig of slechts tijdelijk gedurende den paartijd, en verder dat bij de meeste lagere Klassen de door het mannetje voortgebrachte tonen niet alleen dienen om het wijfje te roepen, maar ook om haar op te wekken of te lokken, is het een verwonderingwekkend feit, dat wij tot dusverre nog geen enkel goed bewijs hebben, dat deze organen door mannelijke Zoogdieren worden gebruikt om de wijfjes te bekoren. De Amerikaansche zwarte brulaap (Mycetes caraya) vormt misschien een uitzondering, gelijk waarschijnlijk ook een van die apen doet, welke nader bij den mensch komen, namelijk, de Hylobates agilis. Deze gibbon heeft een uiterst luide doch muzikale stem. De heer Waterhouse getuigt29: „Het scheen mij, dat bij het opklimmen en het afdalen van de toonladder de intervallen altijd nauwkeurig halve tonen waren; en ik ben zeker, dat de hoogste noot juist een octaaf hooger was dan de laagste. De hoedanigheid der tonen is zeer muzikaal; en ik twijfel niet, of een goed vioolspeler zou in staat zijn een nauwkeurig denkbeeld te geven van de compositie van den gibbon, behalve wat haar luidheid aangaat.” Daarna deelt de heer Waterhouse de noten mede. Professor Owen die eveneens een beoefenaar van de muziek is, bevestigt het voornoemde getuigenis, en voegt er bij, dat deze gibbon „het eenige der redelooze („brute”) zoogdieren is, dat gezegd kan worden te zingen.” (5) Hij schijnt na de uitvoering van zijn zang zeer opgewekt te zijn. Ongelukkig zijn zijn gewoonten in den natuurstaat nooit nauwkeurig waargenomen; maar wegens de analogie van bijna alle andere dieren is het in hooge mate waarschijnlijk, dat hij zijn muzikale tonen vooral gedurende het jaargetijde der liefde doet hooren.

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings