← Table of contents
De afstamming van den mensch en de seksueele teeltkeus, deel 2 (van 2)

Note 34 — SECUNDAIRE SEKSUEELE KENMERKEN BIJ DEN MENSCH.

H. (Hermanus) Hartogh Heys van Zouteveen translation

Zie de zeer belangwekkende bespreking van den Oorsprong en de de Werking der Muziek, door den heer Herbert Spencer in zijn verzameling van „Essays”, 1858, blz. 359. De heer Spencer komt tot een juist tegenovergesteld besluit als waartoe ik ben gekomen. Hij besluit, dat de maten die in een aandoenlijke rede („emotional speech”) worden gebruikt, den grondslag uitmaken, waaruit zich de muziek heeft ontwikkeld; terwijl ik besluit, dat muzikale tonen en rhythmus het eerst door de mannelijke of vrouwelijke voorouders van den mensch werden verkregen om daardoor de tegenovergestelde sekse te bekoren. Zoo werden muzikale tonen vast verbonden met eenige van de sterkste hartstochten welke een dier in staat is te gevoelen en worden bij gevolg instinktmatig of door verbinding van denkbeelden („association”) gebruikt, wanneer sterke gemoedsaandoeningen in woorden worden uitgedrukt. De heer Spencer geeft volstrekt geen voldoende verklaring, en ook ik kan dit niet, waarom hooge of diepe tonen, zoowel bij den mensch als bij de lagere dieren, worden gebruikt om zekere gemoedsaandoeningen uit te drukken. De heer Spencer geeft ook een belangwekkende beschouwing over de betrekkingen tusschen dichtkunst, voordracht en zang. ↑

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings