← Table of contents
De afstamming van den mensch en de seksueele teeltkeus, deel 2 (van 2)

Note 50 — SECUNDAIRE SEKSUEELE KENMERKEN BIJ DE ZOOGDIEREN.—VERVOLG

H. (Hermanus) Hartogh Heys van Zouteveen translation

.…. „De eerste die een uitvoerige beschrijving van het stinkdier50 geeft, is Kalm. „Het dier”, zegt hij, „is wegens zijn bijzondere eigenschap bekend. Wordt het door honden of menschen vervolgd, dan loopt het eerst zoo snel als het kan, of klimt op een boom; vindt het geen uitweg meer, dan wendt het nog één middel aan, dat hem overig is; het spuit op zijn vijand zijn pis51, en dat wel op grooten afstand. Eenige lieden hebben mij verhaald, dat hun met dit schandelijke sap het gezicht geheel was bespoten, hoewel zij er nog omtrent 5,4 meter van verwijderd waren geweest. Dit vocht heeft een zoo onverdragelijken stank, dat een erger ondenkbaar is. Is iemand op het oogenblik van het uitspuiten in de nabijheid van het dier, dan kan hij nauwelijks adem halen, en het is hem later te moede alsof hij zal stikken. Ja, komt dit pestsap in de oogen, zoo loopt men gevaar het gezicht te verliezen, en uit kleederen is de stank bijna in het geheel niet meer te krijgen, men mag ze wasschen, zoo dikwijls men wil. Vele honden loopen weg zoodra de straal hen treft; goede vangers houden echter niet op met den vluchteling na te zetten voordat zij hem hebben doodgebeten. Zij wrijven echter hun snuit op den grond om den stank eenigermate te verdrijven.””

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings