← Table of contents
De afstamming van den mensch en de seksueele teeltkeus, deel 2 (van 2)

Note 5 — SECUNDAIRE SEKSUEELE KENMERKEN BIJ DE VOGELS.—VERVOLG.

H. (Hermanus) Hartogh Heys van Zouteveen translation

(5) „Albinisme en melanisme.” Het albinisme is een aangeboren gebrek in de organisatie, dat bestaat in een te geringe hoeveelheid of zelfs volkomen gemis van pigment in de huid, de haren, het regenboogvlies (iris) en de choroïdea van het oog, waardoor een melkwitte kleur van huid en haren en een roode kleur van het oog wordt veroorzaakt. Onder de dieren zijn de witte konijnen, de witte muizen, de witte olifanten en het fretje (dat niets dan een albino van den gewonen bunsing is) daarvan bekende voorbeelden. Men dacht lang, dat onder de menschen alleen bij het negerras albino’s voorkwamen; vandaar de naam van witte negers, waarmede men de menschelijke albino’s wel bestempelt. Zij worden ook wel kakkerlakken genoemd. De „schoone dames met wit haar en roode oogen”, die voor weinige jaren allerwege op de kermissen in Nederland werden vertoond, waren niets dan dergelijke albino’s. De albino’s kunnen het volle zonlicht slecht verdragen, vanwaar men ze ook wel heliophoben noemt.

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings