← Table of contents
De afstamming van den mensch en de seksueele teeltkeus, deel 1 (van 2)

Note 69 — SECUNDAIRE SEKSUEELE KENMERKEN BIJ DE INSEKTEN.

H. (Hermanus) Hartogh Heys van Zouteveen translation

Gevechten.—Sommige mannelijke kevers die slecht voor het gevecht schijnen ingericht, voeren desniettemin strijd om het bezit van de wijfjes. De heer Wallace69 zag twee mannetjes van Leptorhynchus angustatus, een lijnvormigen kever met zeer verlengden snuit (rostrum), „om een wijfje vechten, dat in de onmiddellijke nabijheid met boren bezig was. Zij stooten elkander met hun snuiten en krabden en sloegen elkander blijkbaar met de grootste woede.” Het kleinste mannetje „liep echter spoedig weg en erkende zich overwonnen.” In eenige weinige gevallen zijn de mannetjes goed geschikt om te vechten door het bezit van groote getande bovenkaken (mandibula), veel grooter dan die der wijfjes. Dit is het geval met het gewone Vliegende Hert (Lucanus cervus), waarvan de mannetjes ongeveer een week vroeger uit de pop te voorschijn komen dan de andere sekse, zoodat men er dikwijls verscheidene het zelfde wijfje kan zien vervolgen. Toen de heer A. H. Davis70 twee mannetjes met één wijfje in een doos opsloot, kneep het grootste mannetje het kleinste met kracht totdat het zijn aanspraken liet varen. Een vriend meldt mij, dat hij, toen hij een jongen was, de mannetjes dikwijls bij elkander zette om hen te zien vechten, en opmerkte, dat zij veel stoutmoediger en woester zijn dan de wijfjes, evenals men algemeen weet, dat bij de hoogere dieren het geval is. De mannetjes pakten zijn vinger en knepen daarin als hij hun dien voorhield, maar de wijfjes niet. Bij vele Lucanidae, zoowel als bij den bovenvermelden Lepidorhynchus zijn de mannetjes grooter en krachtiger insekten dan de wijfjes. De beide seksen van Lethrus cephalotes (een der Bladsprietige Kevers) bewonen het zelfde hol: en het mannetje heeft grooter bovenkaken dan het wijfje. Indien gedurende den paartijd een vreemd mannetje in het hol beproeft te komen, wordt hij aangevallen; het wijfje blijft hierbij niet lijdelijk, maar sluit de opening van het hol en moedigt haar metgezel aan door hem voortdurend van achteren te stooten. Het gevecht eindigt niet voor de aanvaller is gedood of op de vlucht gaat.71 De beide seksen van een anderen Bladsprietigen Kever, Ateuchus cicatricosus, leven paarsgewijze en schijnen zeer aan elkander te zijn gehecht; het mannetje spoort het wijfje aan om de ballen van mest te rollen, waarin de eieren worden gelegd; en als men haar wegneemt, wordt hij zeer onrustig. Als het mannetje wordt weggenomen, houdt het wijfje geheel en al met werken op en zou, gelijk de heer Brulerie72 gelooft, op de zelfde plaats blijven tot zij stierf.

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings