Note 65 — SECUNDAIRE SEKSUEELE KENMERKEN BIJ DE INSEKTEN.
H. (Hermanus) Hartogh Heys van Zouteveen translation
In bijna alle gevallen zijn de horens opmerkelijk wegens hun bovenmatige variabiliteit, zoodat een trapsgewijze reeks kan worden gevormd van de hoogst ontwikkelde mannetjes tot andere, die zoo weinig ontaard zijn, dat zij slechts even van de wijfjes te onderscheiden zijn. De heer Walsh65 bevond, dat bij Phanaeus carnifex de horens bij sommige mannetjes driemaal zoo lang waren als bij andere. De heer Bates dacht, na meer dan honderd mannetjes van Onthophagus rangifer (Fig. 44) te hebben onderzocht, dat hij eindelijk een soort had ontdekt, bij welke de horens niet variabel waren; maar een nader onderzoek bewees het tegendeel.