Note 40 — SECUNDAIRE SEKSUEELE KENMERKEN BIJ DE INSEKTEN.
H. (Hermanus) Hartogh Heys van Zouteveen translation
Bij de derde en laatste familie, namelijk de Acridiidae of Veldsprinkhanen, wordt het gesjirp op een geheel verschillende wijze voortgebracht, en is, volgens Dr. Scudder, niet zoo schril, als bij de voorgaande families. De binnenvlakte van de dij (Fig. 33) is voorzien van een overlangsche rij kleine, sierlijke, lancetvormige, veerkrachtige tandjes, van 85 tot 93 in getal40 (Fig. 34); en deze worden over de scherpe, uitstekende aderen der voorvleugels gestreken, welke daardoor in trilling geraken en geluid geven. Harris41 zegt, dat wanneer een der mannetjes begint te sjirpen, hij eerst „de scheen van den achterpoot onder de dij brengt, waar zij in een daartoe bestemde groeve wordt opgenomen, en dan den poot snel op en neder trekt. Hij speelt niet op beide zijn violen te gelijk, maar afwisselend eerst op de eene en dan op de andere.” (8) Bij vele soorten is het grondvlak van het achterlijf uitgehold tot een groote holte, die, naar men gelooft, als klankbodem werkt. Bij Pneumora (Fig. 35 en 36), een Zuid-Afrikaansch geslacht tot de zelfde familie behoorende, ontmoeten wij een nieuwe en opmerkelijke wijziging: bij de mannetjes steekt namelijk een smalle scherpe rug aan beide zijden van het achterlijf uit, waartegen de dijen der achterpooten worden gewreven.42 Daar het mannetje vleugels bezit, hoewel het wijfje vleugelloos is, is het opmerkelijk, dat de dijen niet op de gewone wijze tegen de voorvleugels worden gewreven; maar dit moet wellicht worden verklaard door de ongewoon geringe grootte der achterpooten. Ik ben niet in de gelegenheid geweest om de binnenste oppervlakte der dijen te onderzoeken, die, naar de analogie te oordeelen, fijn gezaagd zou zijn. De Pneumora-soorten zijn ter wille van haar sjirpvermogen sterker gewijzigd, dan eenig ander Rechtvleugelig Insekt; want bij het mannetje is het geheele lichaam in een muziekinstrument veranderd, als een groote doorzichtige blaas, door lucht uitgezet, om daardoor de resonantie te vermeerderen. (9) De heer Trimen deelt nog mede, dat aan de Kaap de Goede Hoop deze insekten gedurende den nacht een verwonderlijk geraas maken.