Note 18 — OVER DE VERWANTSCHAPPEN EN DEN STAMBOOM VAN DEN MENSCH.
H. (Hermanus) Hartogh Heys van Zouteveen translation
Wat de afwezigheid van fossiele overblijfselen aangaat, die als verbindingsleden tusschen den mensch en zijn op apen gelijkende voorouders zouden kunnen dienen, zal niemand veel gewicht daaraan hechten, die de verhandeling van Sir C. Lyell18 heeft gelezen, waarin deze aantoont, dat bij al de klassen van Gewervelde Dieren de ontdekking van fossiele overblijfselen uiterst langzaam en toevallig heeft plaats gehad. Ook moeten wij niet vergeten, dat die streken, waar men de meeste kans heeft fossiele verbindingsleden tusschen den mensch en een of ander uitgestorven aapachtig schepsel te vinden, tot nog toe niet door geologen zijn doorzocht.