Note 45 — OVER DE MENSCHENRASSEN.
H. (Hermanus) Hartogh Heys van Zouteveen translation
Tot een veel meer waarschijnlijke onderstelling wordt men geleid door de analogie der lagere dieren. Het kan worden bewezen, dat het voortplantingsstelsel (ofschoon wij niet weten waarom) in buitengewone mate gevoelig is voor verandering in de levensvoorwaarden; en deze gevoeligheid leidt zoowel tot heilzame als tot slechte resultaten. Een groote verzameling feiten omtrent dit onderwerp is medegedeeld in hoofdstuk XVIII van deel II van mijn „Varieeren der Huisdieren en Cultuurplanten”; ik kan hier slechts een zeer kort uittreksel daarvan geven; ieder die in dit onderwerp belang stelt, kan bovengenoemd werk raadplegen. Zeer geringe veranderingen vermeerderen de gezondheid, kracht en vruchtbaarheid van bijna alle organische wezens, terwijl men weet, dat andere veranderingen een groot aantal dieren onvruchtbaar maken. Een van de meest bekende gevallen is, dat tamme olifanten zich in Engelsch-Indië niet voortplanten, hoewel zij zich dikwijls voortplanten in Ava, waar men de wijfjes tot op zekere hoogte toestaat in de bosschen rond te zwerven, en zij dus onder meer natuurlijke voorwaarden leven. Het geval van onderscheiden Amerikaansche apen waarvan beide seksen langen tijd bij elkander gevangen werden gehouden in hun eigen vaderland, en die zich toch zelden of nooit hebben voortgeplant, is een meer geschikt voorbeeld, wegens hun verwantschap met den mensch. Het is opmerkelijk, hoe gering een verandering in de levensvoorwaarden dikwijls onvruchtbaarheid veroorzaakt bij een wild dier, wanneer het gevangen wordt; en dit is des te vreemder, omdat al onze huisdieren vruchtbaarder zijn dan zij in den natuurstaat waren, en sommige van hen kunnen de meest onnatuurlijke levensvoorwaarden weêrstaan, zonder dat hun vruchtbaarheid vermindert.45 Sommige groepen van dieren zijn er veel meer dan andere aan onderhevig om door gevangenschap te worden aangedaan; en over het algemeen worden alle soorten van de zelfde groep op de zelfde wijze aangedaan. Soms wordt echter een enkele soort van een groep daardoor onvruchtbaar gemaakt, terwijl de andere zulks niet worden; van den anderen kant behoudt soms een enkele soort haar vruchtbaarheid, terwijl de meeste andere zich niet voortplanten. Van sommige soorten paren de mannetjes nooit met de wijfjes, als zij zijn opgesloten, of als men hun in hun vaderland veroorlooft bijna, maar niet geheel en al vrij te leven; andere paren onder die omstandigheden dikwijls maar brengen nooit jongen voort; nog weêr andere brengen wel jongen voort, maar minder dan in den natuurstaat; en als toepasselijk op bovenvermelde gevallen bij den mensch, is het van belang op te merken, dat die jongen meestal zwak en ziekelijk of misvormd zijn, en dikwijls op jeugdigen leeftijd sterven.