Note 4 — INLEIDING.
H. (Hermanus) Hartogh Heys van Zouteveen translation
Hoewel de eerste schemeringen van het verstand, volgens den heer Herbert Spencer4, ontwikkeld zijn geworden door de vermenigvuldiging en coördinatie van reflex-handelingen, en hoewel velen der eenvoudige instinkten trapsgewijze in dergelijke handelingen overgaan en nauwelijks van hen zijn te onderscheiden, zooals b.v. bij het zuigen van jonge dieren, schijnen toch de meer samengestelde instinkten oorspronkelijk onafhankelijk van het verstand te zijn ontstaan. Ik ben echter verre verwijderd van te willen ontkennen, dat instinktmatige handelingen hun vast en niet-aangeleerd karakter kunnen verliezen, en door andere worden vervangen, die met behulp van den vrijen wil worden volbracht. Van den anderen kant gaan sommige verstandige handelingen—zooals wanneer vogels op oceanische eilanden voor het eerst den mensch leeren vermijden—na gedurende vele generaties te zijn volbracht, in instinkten over en worden erfelijk. Men kan dan zeggen, dat zij in innerlijke waarde zijn achteruitgegaan; want zij worden niet langer volbracht uit redeneering of uit ondervinding. Het grootste aantal der meer samengestelde instinkten schijnt echter op geheel verschillende wijze te zijn verkregen, namelijk doordat de natuur verscheidenheden met eenvoudiger instinktmatige handelingen voor de voortplanting uitkoos. Dergelijke verscheidenheden schijnen te zijn ontstaan door inwerking op de organisatie der hersenen van de zelfde onbekende oorzaken die geringe verscheidenheden of individueele verschillen in andere deelen van het lichaam voortbrengen, en onze onwetendheid geeft dikwijls aanleiding om te zeggen, dat deze verscheidenheden van zelf zijn ontstaan. Wij kunnen, dunkt mij, tot geen ander besluit komen ten opzichte van den oorsprong van de meer samengestelde instinkten, als wij denken aan de verwonderlijke instinkten van onvruchtbare werkmieren en werkbijen, die geen kroost nalaten dat de uitwerkselen van ondervinding en gewijzigde gewoonten van hen kan erven.