Note 17 — GRONDBEGINSELEN DER SEKSUEELE TEELTKEUS.
H. (Hermanus) Hartogh Heys van Zouteveen translation
De groote vurigheid van het mannetje heeft aldus indirect geleid tot de veelvuldiger ontwikkeling van secundaire seksueele kenmerken bij het mannetje dan bij het wijfje. De ontwikkeling van dergelijke kenmerken zal echter, indien het besluit te vertrouwen is, waartoe ik door het bestudeeren der tamme dieren ben gekomen, zeer zijn bevorderd, doordat het mannetje meer aanleg tot variatie heeft dan het wijfje. Von Nathusius, die zeer groote ondervinding hieromtrent had, is van de zelfde meening.17 Ik weet, hoe moeilijk het is een dergelijk besluit te verificeeren. Eenige geringe bewijzen daarvoor kunnen echter worden verkregen door de vergelijking der beide seksen van den mensch, daar de mensch zorgvuldiger is bestudeerd dan eenig ander dier. Gedurende de Novara-expeditie18 werd een groot aantal metingen van onderscheidene lichaamsdeelen bij verschillende rassen gedaan, en in bijna ieder geval vond men, dat de mannen een grootere verscheidenheid vertoonden dan de vrouwen; op dit onderwerp zal ik echter in een volgend hoofdstuk moeten terugkomen. De heer J. Wood19, die zorgvuldig de variaties in het spierstelsel bij den mensch heeft nagegaan, heeft met cursieve letters zijn besluit doen drukken, dat „het grootste aantal abnormale vormen bij een enkel persoon bij de mannen wordt gevonden.” Hij had te voren opgemerkt, dat „bij elkander gerekend op een aantal van 102 personen de afwijkingen door het bezit van overtallige deelen werden bevonden de helft veelvuldiger te zijn bij mannen dan bij vrouwen, hetgeen een sterke tegenstelling vormt met het te voren beschreven veelvuldiger voorkomen van afwijkingen door het ontbreken van deelen bij vrouwen.” Prof. Macalister merkt eveneens op20, dat variaties in het spierstelsel, „waarschijnlijk algemeener bij mannen dan bij vrouwen voorkomen.” Zekere spieren die bij den mensch in normalen toestand niet aanwezig zijn, komen ook veelvuldiger bij de mannelijke dan bij de vrouwelijke sekse tot ontwikkeling, hoewel men zegt, dat uitzonderingen op dezen regel voorkomen. Dr. Burt Wilder21 heeft een tabel gemaakt van 152 gevallen van individu’s met overtallige vingers, van welke 86 mannen en 39, of de helft minder, vrouwen waren; van de overige 27 was de sekse niet bekend. Men zie echter niet voorbij, dat vrouwen veelvuldiger een dergelijke misvorming zullen trachten te verbergen dan mannen. Ook verzekert Prof. L. Meyer, dat de ooren van den man verschillender van vorm zijn dan die van de vrouw.22 Eindelijk is de temperatuur bij den man meer variabel dan bij de vrouw.23