Note 12 — GRONDBEGINSELEN DER SEKSUEELE TEELTKEUS.
H. (Hermanus) Hartogh Heys van Zouteveen translation
Het verdient opmerking, dat het instinkt om met een enkel wijfje te paren, gedurende de temming gemakkelijk wordt verloren. De wilde eend leeft uitsluitend met één wijfje, de tamme eend oefent in hooge mate de veelwijverij uit. De weleerw. heer W. D. Fox meldt mij, dat van sommige half getemde wilde eenden, die men in een grooten vijver in zijn nabuurschap hield, zoovele woerden door den boschwachter werden doodgeschoten, dat er slechts één voor elke zeven of acht wijfjes overbleef; toch werden ongewoon groote broedsels van jongen voortgebracht. Het parelhoen leeft uitsluitend met één wijfje, doch de heer Fox heeft bemerkt, dat hij met zijn vogels het voorspoedigst is, als hij één haan op twee of drie hennen houdt.12 De kanarievogels leven in den natuurstaat paarsgewijze, maar de fokkers van vogels zetten met goed gevolg één mannetje bij vier of vijf wijfjes; het eerste wijfje wordt echter, naar men den heer Fox verzekerde, alleen als wettige vrouw beschouwd, zij en haar jongen alleen worden door het mannetje gevoed, de andere worden als bijwijven behandeld. Ik heb deze gevallen opgeteekend, omdat daardoor eenigermate waarschijnlijk wordt gemaakt, dat eenwijvige soorten in den natuurstaat gemakkelijk hetzij tijdelijk of blijvend de gewoonte van veelwijverij zouden kunnen aannemen.