Note 3 — Bijvoegsel, Veertiende Druk; 1883.
Reading edition
Een belangstellender en oplettender lezer dan dezen, beide in oostersche en vaderlandsche letteren, zoo zeer ervaren landgenoot, heeft onder hare duizenden de Camera Obscura niet gevonden. Hare dertiende uitgave (1880) gaf hem aanleiding tot het schrijven dier voortreffelijke monographie, welke, eerst in De Gids verschenen, later in “vermeerderden herdruk” afzonderlijk uitgegeven is3. In dit keurig opstel worden het leven en de lotgevallen, zoo in den Vreemde als in het Vaderland, van het nu meer dan veertigjarig boek beknoptelijk, maar vollediglijk, verhaald, en heeft de vriendelijke ingenomenheid van den geachten letterkundige, in verband met vroegere en latere oordeelen en beschouwingen van anderen, eene hartelijke en door den Schrijver der Camera Obscura hooggewaardeerde uitdrukking gevonden.