← Table of contents
Borneo van Zuid naar Noord

Note 1 — XXIV.

Reading edition

Dat stoken werd zoo den geheelen dag, van des morgens tot het vallen van den avond voortgezet; daarna werd de oven uitgedoofd, de alier geopend en het verkregen ijzer met groote houten tangen, van ijzeren punten voorzien, uit de kakat gehaald. Dat ijzer deed zich toen voor als een bruinrood gloeiende vormlooze taaie klomp en werd toen op den grond, die vooraf met fijn gestampte slakken bedekt was, met houten beukhamers tot een kubiek „rankan” genaamd, verwerkt, die ongeveer 30 K.G. woog. Daarna werd de rankan in tien gelijke deelen verdeeld. Deze deelen heetten „bilah” en werden zoolang gehamerd en van slakken gezuiverd, dat zij voor het smeden en klinken geschikt waren. Zulk een bilah behoorlijk afgewerkt, woog ongeveer 2½ K.G. Zietdaar de geheele bewerking. Ik kan er nog bijvoegen, dat het ijzer van de Kapoeas-streken als het beste in kwaliteit gerekend wordt en dat het Doessonsch het meest gewilde van geheel Borneo is, wat niet weinig gezegd is, daar het Borneosch ijzer door den geheelen Indischen Archipel beroemd is. De wapens daarvan vervaardigd worden overal op hoogen prijs gesteld en terecht; want ik heb mandauw’s en Nagara-sabels1 gezien, waarmede een spijker van zeven op het pond doorgekapt werd, zonder dat het scherp van het wapen iets geleden had. En nu heb ik verteld, wat ik wist; ik hoop dat ik aan de weetgierigheid van onzen Waal zal voldaan hebben.”

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings