Note 22 — XIV.
Lion Simons translation
Hê mid eotenum weardh
on feónda geweald fordh forlâcen,
snûde forsended. Hine sorh-wylmas
lemede tô lange, hê his leódum weardh,
eallum ädhelingum tô aldor-ceare. 903–7.
Over de letterlijke vertaling dezer verzen zijn de uitgevers het eens, insgelijks over het feit dat vv. 908–14 van Heremod gewagen; doch de knoop ligt hier:
Is er sprake van Sigmund ofwel van Heremod, en in hoeverre? Immers de Angelsaksische tekst springt meer dan eens nog al wild om met de persoonlijke voornaamwoorden, zoodat de lezer zich moet afvragen, wie eigenlijk gemeend is.
Deze eigenaardigheid, welke de duidelijkheid in den weg staat, doch de critiek eene ruime stof tot bespreking aan de hand doet, is buiten kijf toe te schrijven aan het ontstaan van het epos uit verschillende afzonderlijke liederen.
Bugge laat den heelen zin op Heremod slaan: deze werd forlâcen: verraden, on feónda geweald: in de macht des duivels, snûde: door eenen plotselingen dood.
Daar hij geenen weg weet met de tegenspraak tusschen: hine sorhwylmas lemede tô lange, dat eenen goeden, en: he his leódum weard... tô aldor-ceare, dat eenen slechten Heremod veronderstelt, verandert hij hine sorhwylmas in: sorhwylma hrine: «door den greep der woelende zorgen verlamde hij het volk te lang.»
mid eotenum = onder de reuzen; zoo worden Heremods vijanden geheeten wegens de aanleuning met Sigmund, daar de dichter de eerste Heremod-episode aan de Sigmund-episode heeft vastgeknoopt.
De schering en inslag zijner redeneering is als volgt:
De latere tijd, waarin Heremod zijne lieden tot levenskommer wierd 905–7, wordt vergeleken met vroegere tijden, aerran maelum 908–14.
Ook in het eerste tijdperk van zijn leven beantwoordde hij niet aan de verwachtingen van zijns vaders raadgevers. Hij ontving niet ’s vaders adel, hij verdedigde niet het volk en het rijk der Schildingen. Hij ondernam toen eenen tocht sîdh 909, dien menig wijze man afkeurde: In plaats van het hard bestookte rijk te verdedigen, was hij naar elders vertrokken, waarschijnlijk om daar te kampen.
Later kwam hij terug en heerschte zoo gruwzaam over de Schildingen, dat hij verraden en in de eenzaamheid vermoord werd. 903–5. Tot hiertoe Bugge.
Het gaat niet aan, de lezing van het Hs. zoo maar over boord te werpen, vooral als geen andere grond kan ingeroepen worden, dan het niet alleen staande gebruik van het enkelv. lemede bij een meervoudig onderwerp, mid eotenum blijft in de toepassing op Heremod altijd gewaagd.
Eindelijk, en dit is het voornaamste bezwaar, wordt Sigmund geheel en al uit het oog verloren, alsof er geen betrekking tusschen hem en Heremod bestond.
Waarom heeft de dichter hem dan met Heremod in verband gebracht? In de Edda worden zij ook te zamen genoemd, dat is dus niet louter toevallig.
Blijkens mijne vertaling betrekt zich hê 903, hine 905, hê 906 uitsluitend op Sigmund. Na tô lange plaats ik een dubbel punt; hê his leódum weardh to aldor-ceare zinspeelt op Sigmunds dood in de macht der Nevelingen.
Zoodoende blijft de tekst gewaarborgd, staat mid eotenum op zijne plaats, wordt Sigmund niet doodgezwegen, en vervalt alle tegenspraak.
Door Heremods sidh «gang, tocht» is dan zijn vertrek in de ballingschap te verstaan, hetzij hij de tegenkanting moede vrijwillig ging, hetzij gedwongen.
Immers v. 916 wordt gezegd, dat «vervolging, vijandschap» aan Heremod ten deel viel, hine fyren onwôd.