Note 1 — I.
Lion Simons translation
thenden wordum wéold wine Scyldinga,
leóf land-fruma lange âhte. 30–31.
Zoolang over de woorden (’t bevel) beschikte de vriend der Schyldings,
de lieve landvorst lang (het gezag) bezat.
Deze plaats heeft tot veel geschrijf en gewrijf aanleiding gegeven.
Heyne zoekt het ontbrekend voorwerp van âhte uit wordum weóld van het vorige vers op te maken en vult aan: geweald, gezag.
Cosijn verandert lange âhte in lange thrâge: langen tijd.
Regel 31 is dan eene voortzetting van «de eerste gedachte, dat de wine Scyldinga reeds tijdens zijn leven de noodige beschikkingen voor zijne begrafenis genomen had. Daaraan werd vastgeknoopt de mededeeling, dat die regeering langen tijd geduurd heeft.»
Dat nochtans Heynes «kühne Construction door geen enkel voorbeeld gestaafd wordt» kan ik niet zoo grif aannemen. Vgl. v. 1003:
Nô thät ydhe bydh tô befleónne «dat zal niet gemakkelijk zijn te ontvluchten,» waar thät op een zelfst. naamw. dood moet slaan, dat uit voorafgaand aldres or-wêna is op te maken.
Nochtans geef ik toe, dat op eene verminkte plaats als deze laatste niet veel te bouwen is.
Andere verklaringen, b. v. die van Rieger, Bugge en Kluge, laat ik, daar zij mijn bestek te buiten gaan, in het midden.