← Table of contents
Baboe Dalima

Note 12 — VII. Een verraderlijk dèsa-genoot.

Reading edition

Maar op de „aloon aloon”12 aangekomen, zag men daar onder de prachtige Wariengienboomen, die dat dorpspleintje omgaven en heerlijk beschaduwden, twee loodsen opgeslagen, die beiden met Nederlandsche vlaggen getooid waren, en waarvan de eene thans nog hermetisch gesloten was. In de andere evenwel waren op den achtergrond de muzikanten met gekruiste beenen op den grond bij hunne instrumenten gezeten, en deden hunne bekkens luid en rythmisch weerklinken. De voorgrond der loods was ledig; maar die was vrij wel verlicht, terwijl de bodem daar gelijk gemaakt en met fijn zand bestrooid was. Een luid gejuich ging op het gezicht daarvan onder de oogstvierders op; want zij bevroedden, dat zij op meer genot dan op een eenvoudig concert vergast zouden worden.

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings