Note 15 — XXX. Baboe Dalima naar Karang Anjer.
Reading edition
Eens, toen zij tot de dèsa Prembanan, op een drietal palen ten Zuidwesten van Karang Anjer gelegen, doorgedrenteld was, kreeg zij eenig licht. Zij vernam daar, dat op zekeren dag, meer dan twee maanden geleden, een der „pikolans” (draagbamboe) van een „tandoe”15 gebroken was, die noodzakelijk vervangen moest worden. Het draagtoestel was neergezet moeten worden, en, daar een stevige bamboe niet heel spoedig gevonden werd, sprong er eene nonna uit, die zich hier neerzette en een kop koffie vroeg.