Note 28 — II. TELESIPPE.
W. F. P. (Willem Frederik Paulus) Enklaar translation
„Een ram met één hoorn?” riep Elpinice uit. „Bij Artemis28! het verwondert mij niet, dat teekenen en wonderen geschieden. Op den Brilessus29 moet den laatsten nacht een groote meteoorsteen uit de lucht zijn gevallen. Sommigen willen ook eene staartster in den vorm van een brandenden balk gezien hebben. Verscheidene godenbeelden moeten onlangs begonnen zijn te zweeten en te bloeden. Nog kort geleden moet zelfs een raaf zich op het vergulden Pallas-beeld te Delphi30 hebben neêrgezet, die de vruchten van den ijzeren palm waarop hij stond, met zijn snavel heeft losgewerkt. Maar wat het mooiste is van alles—verbeeld u: de priesteres der Eumeniden31 te Orchomenus32 moet een langen, zwarten baard gekregen hebben!—Gij hebt toch een waarzegger laten roepen?”