← Table of contents
Aristoteles' Zielkunde

Note 57 — ARISTOTELES’ ZIELKUNDE.

J. M. (Jacobus Maurits) Fraenkel translation

431a. De kennis in werkzaamheid is hetzelfde als de zaak. Die in mogelijkheid is naar tijd eerder in den eenen maar in ’t geheel ook niet in tijd; want alles wat wordt komt voort uit wat in werkelijkheid is. Het blijkt dat het waarneembare het waarnemingsvermogen uit mogelijkheid tot werkzaamheid brengt, want het lijdt of verandert niet. Daarom is dit een ander soort van beweging; immers de beweging was de werkzaamheid van het onvoltooide, maar de volstrekte werkzaamheid, die van het voltooide, is een andere. Het waarnemen nu komt overeen met het zeggen en denken alleen; wanneer men het aangename of onaangename (waarneemt), overeenkomstig met beaming of ontkenning, streeft men na of vermijdt; en genot en smart gevoelen is werkzaam zijn met het waarnemend gemiddelde ten opzichte van het goede of het kwade als zoodanig. En het vermijden en de nastreving zijn in werkzaamheid hetzelfde en het streefvermogen en ’t vermijdingsvermogen zijn niet verschillend noch onderling noch van het waarnemingsvermogen, maar het begrip verschilt. Voor de denkende ziel zijn de voorstellingen als waarnemingen; wanneer zij bij goed of kwaad beaamt of ontkent, vermijdt zij of streeft zij na. Daarom denkt de ziel nooit zonder voorstelling. En zooals de lucht de pupil op bepaalde wijze aandoet en deze iets anders en het gehoor evenzoo, en het laatste één is en één gemiddelde, maar het begrip daarvan veelvoudig57… Waarmee men beoordeelt het verschil van zoet en warm, is ook vroeger gezegd, en ’t kan ook zóó gezegd worden. Het is nl. een eenheid, zooals ook de grens. En deze, één zijnde als door verhouding en naar aantal, verhouden zich tot elk van beiden als die tot elkaar; want wat verschilt het te vragen hoe men de ongelijksoortige dingen beoordeelt of de tegendeelen als wit en zwart: laat als wit (A) zich verhoudt tot zwart (B) zoo C staan tot D, dus ook omgekeerd. Als dus C D bij één ding aanwezig is, zal het zich verhouden als A B, één en het zelfde, maar naar begrip niet hetzelfde en ’t andere eveneens. Dezelfde redeneering geldt als A het zoete is en B het witte.

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings