Note 1 — Donkere dagen. 1569–1571.
D. C. (Dirk Christiaan) Nijhoff translation
Terecht is van dien zang gezegd, dat die uit de ziel des volks is gegrepen en ook oogenblikkelijk daartoe weer zijn terugweg vond; dat die “het Souterlied van Nederland, de nationale psalm der vaderen” is geworden. Van 1568 ruischt en bruist het met vollen toongalm door onze geheele geschiedenis, het is er als de muzikale adem van. In alle wereldoorden, waar de Prinsevlag Neêrlands kleuren toont, klinkt ook het Prinselied onder de meest wisselende toestanden.... Als elegie1 van het lijdend, als krijgszang van het strijdend, als dithyrambe2 van het triomfeerend Nederland is het “Wilhelmus van Nassouwe” een historisch volkslied, zooals geen enkele andere natie er een bezit.” Nu het in onze dagen in de oude toonzetting wordt ten gehoore gebracht, is het als het ware bij vernieuwing een stuk volksleven geworden.