← Table of contents
Wijsheid en Schoonheid uit China

Note 9 — EEN FANTAZIE1, NAAR AANLEIDING VAN LAO TSZ’S FILOSOFIE.

Reading edition

„Houd op met dit willen naar wijsheid,” zeide de Wijze. „Wil niet te veel weten, en gij zult later van-zelf weten. Door niet-natuurlijke actie verkregen weten leidt u af van Tao. Zoek niet te veel alles te weten van de menschen en dingen om u heen, en vooral niet van hunne betrekkingen en contrasten. Zoek ook vooral niet te veel naar geluk, en wees niet te bang voor ongeluk. Want geen van beide zijn reëel. Noch is vreugde reëel, noch leed. Kunt gij u Tao voorstellen als leed, als vreugde, als geluk, als ongeluk, dan zou het Tao niet zijn, want Tao is één, en kan geen contrast hebben. Chuang Tsz’ zeide dit zoo eenvoudig: „Het opperste Geluk is géén Geluk.” En ook de smart zal voor u weg zijn. Gij moet vooral niet denken dat smart een reëel ding is, een essentieel principe van het bestaande, dus van uw leven. Uw smart zal ééns van u gaan, zooals de nevelen van de bergen glijden. Want gij zult eenmaal zien, dat al het bestaande heel natuurlijk, en vanzelf is, en alle groote dingen, die u zoo lang droef en duister hebben geschenen zullen Wu-Wei, heel eenvoudig, Niet-Doende, dat is, niet wonderlijk, expresselijk, toevallig Doende voor u zijn. Want alles is uit Tao, alles is een natuurlijk deel van het groote stelsel, dat uit één principe is voortgekomen. Dan kan niets u meer bedroeven en niets u meer verblijden. Niet lachen zult gij, en niet weenen. Ik zie u twijfelend kijken, alsof gij mij te hard vindt, te koud. Maar als gij wat verder zijt, zult gij zien, dat het geheel volgens Tao is, als gij zoo zijt. Want, leed ziende, zult gij weten hoe het eens verdwijnen moet, omdat het onreëel is, en vreugde ziende, zult gij gaan begrijpen, hoe die nog maar heel primitieve vreugde is, die gebonden is aan omstandigheden en tijd, en alleen door haar contrast met leed schijnbaar bestaat. Een lief mensch ziende zult gij het natuurlijk vinden, dat hij zoo is als hij is, en voorgevoelen, hoe veel beter hij eenmaal worden zal als hij niet eens meer lief en goed is. En een’ moordenaar zult gij aanzien met rustige oogen, vooral zonder te veel menschelijke liefde, vooral zonder haat, want hij is uw gelijke in Tao, en géén zijner zonden kan Tao in hem vernietigen. Als gij Wu Wei, Niet-Zijnd, in den gewonen, menschelijken zin, kunt zijn, kunt gij eerst recht Zijn, en gij zult zoo kalm en vanzelf door uw leven glijden als de eindelooze zee vóór ons. Niets zal uwe rust verstoren. Uw slaap is droomeloos, en gij zult geen zorgen hebben over wat ge u bewust wordt9. Gij zult in alles Tao zien, gij zult één zijn met al het bestaande, en de geheele natuur als een goed vertrouwde, als uw eigen zelf om u heen zien. En, kalm aannemend de wisselingen van dag en nacht, van leven en dood, zult gij door deze wisselingen van-zelf heenglijdend, eenmaal binnengaan in Tao, waar géén verandering meer is, en waaruit gij eenmaal gekomen zijt even puur als gij er weer heenedreeft.”

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings