← Table of contents
Waverley

Note 1 — LUCHTKASTEELEN.

M. P. (Mark Prager) Lindo translation

Wegens de uitvoerigheid, waarmede ik Waverleys bezigheden, en de richting die ze aan zijn verbeelding gaven, geschetst heb, zal de lezer in de volgende geschiedenis wellicht eere navolging verwachten van den bekenden roman van Cervantes. Maar door dit te veronderstellen, zou hij mijne wijsheid te kort doen. Het is mijn voornemen niet de voetstappen van dien onnavolgbaren schrijver te drukken, in het schilderen van die geheele verbijstering des verstands, welke de voorwerpen verwart, zoo ras ze zich voordoen, maar ik wensch die meer gewone afwijking van het gezonde oordeel te schetsen, die de zaken zooals ze werkelijk bestaan opneemt, doch daaraan een zweem van eigen romanesken toon en kleur mededeelt. Eduard Waverley was er zoo verre van af, om te veronderstellen dat hij bij anderen zijne wijze van zien en gevoelen vinden zou, of te wanen dat de tegenwoordige toestand der maatschappij geschikt was om de droomen te verwezenlijken, waaraan hij zich zoo gaarne overgaf, dat hij niets meer vreesde dan de gevoelens die de vrucht waren van zijne mijmeringen, door anderen ontdekt te zien. Hij had geen vertrouwde, en wenschte er geen te hebben, om hem zijne droomerijen mede te deelen, waarvan hij het belachelijke zoo zeer gevoelde, dat, als hij had moeten kiezen tusschen een straf waaraan geen schande verbonden was, en de noodzakelijkheid om een koel en bedaard verslag te geven van de denkbeeldige wereld, waarin hij het beste deel van zijn leven doorbracht, hij, geloof ik, niet geaarzeld zou hebben zich aan de eerste te onderwerpen. Deze afzondering werd hem dubbel dierbaar, toen hij, met den loop der jaren, den invloed der ontwakende hartstochten gevoelde. Vrouwelijke vormen van uitstekende bevalligheid en volmaakte schoonheid begonnen een rol te spelen in zijne denkbeeldige avonturen en het duurde niet lang of hij begon rond te zien, en de scheppingen zijner verbeelding met de vrouwen uit de werkelijkheid te vergelijken. De lijst der schoonen, die hare bevalligheden wekelijks in de kerk van Waverley ten toon spreidden, was talrijk noch uitgelezen. Verre weg de dragelijkste was jufvrouw Sissly, of zoo als ze liever wilde genoemd worden, Cecilia Stubbs, de dochter van den heer Stubbs van de pachthoeve. Ik weet niet of het door het „eenvoudigste toeval van de wereld” was, eene spreekwijze, die op vrouwelijke lippen niet altijd den voorbedachten raad uitsluit, of dat het uit overeenstemming van smaak kwam, dat Cecilia meer dan eens Eduard op zijn lievelingswandeling in het Waverleys-Park ontmoette. Hij had den moed nog niet gehad haar bij deze gelegenheid aan te spreken; maar de ontmoeting was niet zonder uitwerking gebleven. Een romaneske minnaar is een zonderlinge afgodendienaar, die er zich soms weinig aan stoort, uit welke stof hij het voorwerp zijner aanbidding vormt, althans zoo de natuur dit voorwerp slechts wat uiterlijke schoonheid geschonken heeft, kan hij gemakkelijk den Juwelier en den Dervish, in de oostersche vertelling1 spelen, en haar overvloedig, uit de voorraadschuren zijner eigene verbeelding, met bovennatuurlijke bekoorlijkheden en al de rijkdommen van geest en hart voorzien.

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings