Note 1 — DULCE DOMUM.
M. P. (Mark Prager) Lindo translation
Alles was nu in de weer met het maken van toebereidselen voor Eduards huwelijk, een gebeurtenis, die de goede Baronet en Freule Rachel beschouwden als een vernieuwing hunner eigene jeugd. Deze echtverbintenis was hun, gelijk kolonel Talbot reeds had te kennen gegeven, allerverkieslijkst voorgekomen, daar zij in alle opzichten, uitgezonderd wat het geld betrof, wenschelijk was, en zij zelven meer dan overvloedig met tijdelijke middelen gezegend waren. De heer Clippurse werd dus op Waverley-Honour ontboden, onder betere voorteekenen dan bij den aanvang van ons verhaal. Maar de heer Clippurse kwam niet alleen; want, daar hij nu in jaren gevorderd was, had hij zich verbonden met een neef, een jonger gier, gelijk onze hedendaagsche Juvenalis1 aan wien wij het verhaal van Swallow den procureur te danken hebben, hem wellicht genoemd zou hebben – en zij dreven thans hunne zaken onder de firma van Clippurse en Hookem. Deze brave mannen kregen bevel om de noodige huwelijksvoorwaarden op te stellen, en wel op zulk een milden en onbekrompen voet alsof Eduard de eenige erfgename van een pair, met hare vaderlijke erfgoederen aan haar hermelijnen mantel gehecht, zou trouwen.