Note 5 — DE MAALTIJD.
M. P. (Mark Prager) Lindo translation
Eduard sprong vooruit om de beide strijders te scheiden, maar struikelde en viel over het lichaam van den heer van Killancureit, die lang uit op den grond lag. Hoe Killancureit, op zulk een kritiek oogenblik, in deze liggende houding kwam, is nooit juist bekend geworden. Sommigen dachten dat bij bezig was met zich onder de tafel te verschuilen; hij zelf beweerde dat hij struikelde, terwijl hij een dicht bijstaande stoel greep, om een ongeluk te voorkomen, door Balmawhapple daarmede neêr te vellen. Hoe dit ook zij, indien geen vlugger hulp dan de zijne, of die van Waverley, tusschenbeide gekomen was, zou er zeker bloed zijn gestort. Maar het welbekende zwaardengekletter, dat niets vreemds was in hare woning, joeg Luckie Macleary op, die gerust buiten den aarden muur der stulp gezeten was, verdiept in het opmaken van de rekening, ofschoon haar oogen voortdurend op een vroom tractaat op haar schoot, gevestigd waren. Zij stortte moedig binnen, onder het uitgillen van: „Waarom moeten toch de heeren elkaâr hier doodslaan, en het huis van een eerlijke weduw schande aandoen? Is er dan in het open veld geen gelegenheid om te vechten?” een vertoog, dat ze ondersteunde door haar doek met groote behendigheid over de degens der vechtenden te werpen. Middelerwijl stormden de bedienden binnen, en daar deze toevallig tamelijk nuchter waren, gelukte het hun, met behulp van Eduard en Killancureit, de verwoede strijders te scheiden. Laatstgenoemde voerde Balmawhapple weg, wraak zwerende tegen iederen Whig, Presbyteriaan en dweeper in Engeland en Schotland, van John o’Groat’s af tot aan Kaap Lands Einde5 toe, en het was slechts met vele moeite dat hij eindelijk op zijn paard gezet werd.