Note 2 — II. VAN MENSCH TOT TIJGER
Reading edition
Den volgenden dag kon zij haar broeder zeggen, dat Seroenting de macht had zijn ziel te verbergen in een alang-alang blad. „Kijk maar eens rond,” had hij gezegd, „als er één spriet staat te drillen, dáár heb ik mijn ziel verborgen; niemand weet dat, en daarom kan men mij niet dooden. Men moest eens weten, dat men mij dan toch kan kwetsen door het blad te speren met een steel van de bamban!”2