← Table of contents
Vijf weken in een luchtballon

Note 1 — XXXV.

Reading edition

Tot zoover was Joe met zijne overdenkingen gevorderd, toen hij aan land stapte te midden eener huilende menigte van beide seksen en allerlei leeftijd, maar niet van alle kleuren; hij bevond zich onder een stam van Biddiomahs van een prachtig zwarte kleur. Hij behoefde zelfs niet te blozen over de luchtigheid zijner kleeding, hij was naar de laatste mode van het land “ontkleed.” Maar, voordat hij den tijd had om zich van zijn toestand rekenschap te geven, kon hij zich niet vergissen in de aanbidding waarvan hij het voorwerp werd. Dit stelde hem gerust, hoewel de geschiedenis van Kazeh1 hem in het geheugen kwam. “Ik heb een voorgevoel dat ik weder een god, de een of andere Zoon der Maan zal worden! Welnu, dit ambacht is even goed als een ander, als men geene keus heeft. Het voornaamste is tijd te winnen. Als de Victoria weder voorbijkomt, zal ik van mijne nieuwe positie gebruik maken om aan mijne aanbidders het schouwspel te geven van eene wonderbare hemelvaart.” Terwijl Joe aldus nadacht, verdrong de menigte zich rondom hem, zij viel op de knieën, huilde, betastte hem en werd zeer gemeenzaam, maar zij was ook zoo goed hem een prachtig gastmaal aan te bieden, bestaande uit zure melk met gepelde rijst en honig. De waardige jongen, zich in alles schikkende, deed een der beste malen van zijn leven en gaf aan het volk een hoog denkbeeld van de wijze, waarop de goden bij plechtige gelegenheden eten.

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings