Note 2 — III. VADER EN ZONEN.
Reading edition
„Mijn arme zuster weet dat genoeg. Hij heeft zeker weer de een of andere dwaze streek in den zin. De mooie serimpies2 van den gevluchten Soenan Mas konden hem niet eens boeien, zulk een haast had hij Kediri te verlaten en naar Pasoeroean terug te trekken. Laat hij echter op zijn hoede wezen, wanneer hij te ver gaat en het hart van Soederma al te bitter bedroeft, zal ik onzen vader waarschuwen.”