Note 2 — I. KONGOLEESCH WERK
Reading edition
In het droog seizoen, als het heel koud is, worden de menschen wakker, langen tijd na de zon, die reeds opgestaan is, maar die verscholen blijft achter den nevel2. De mannen keeren de pleinen, zij vereenigen een weinig gras en hout, zij steken vuur aan, zij verwarmen hunne handen, wrijven ze om er de koude af te krijgen, zij kouten een weinig onder malkander, alzoo: He! Vandaag is het heel koud.