← Table of contents
Uit de ontwikkelingsgeschiedenis van het Menschelijk Denken, Deel 2 van 2

Note 6 — Het psychisch monisme.

Reading edition

Het psychisch monisme, uitgaande van de zekerheid van ons bewustzijn, bestrijdt de richtingen, die willen blijven staan bij onze bewustzijnsverschijnselen. “De ontkenning van zulke werkelijkheden (d. i. werkelijkheden buiten ons bewustzijn) is een volmaakt logische theorie van waarneming; daar het feit, dat zij maakt, dat de voorwerpen ophouden te bestaan wanneer wij ophouden, ze waar te nemen, er geen voldoende argument tegen is.6 Maar zij geeft ons een verminkte en onsamenhangende opvatting van de wereld, en leidt logisch tot solipsisme.” (Strong.) Dit solipsisme nu brengt bij consequente toepassing tot de absolute scepsis: “Het laatste woord van ’t empirisme is dus de opheffing van alle weten, de absolute scepsis” (Heymans). Er is echter grond, om het bestaan eener buitenwereld aan te nemen. Die is gelegen in het voor ons bewustzijn onmiddellijk evidente causaliteitsbeginsel en de door de ervaring voortdurend gegeven bevestiging van de daarop gegronde verwachtingen. Stel u een gedachtenreeks voor. Zeg bijv. op: Wien Neerlands bloed. Daar ziet ge bij ’t eerste woord van den tweeden regel iets, bij de vier voelt ge iets, bij de vijfde hoort ge een geluid. Andere voorstellingen komen tusschen uw voorstellingsrij in. We kunnen dat schematisch dus voorstellen:

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings