← Table of contents
Uit de ontwikkelingsgeschiedenis van het Menschelijk Denken, Deel 2 van 2

Note 7 — Het Positivisme in Nederland.

Reading edition

Behandelt Opzoomer in zijn: “De weg der wetenschap” vooral de eerste kenbron, in zijn: “De waarheid en haar kenbronnen”7 wordt gesproken over het zinnelijk-, het schoonheids- en het zedelijk gevoel. De vijfde kenbron, het godsdienstig gevoel, heeft Opzoomer niet zoo spoedig behandeld. Hij deed het in: “De Godsdienst” (1864) en “Onze Godsdienst” (1875). Door zijne beschouwingen werd Opzoomer het hoofd eener geheele theologenschool en oefende hij ook grooten invloed uit op ’t kerkelijk leven. Hij verwerpt beslist alle bewijzen voor ’t bestaan van God, maar meent, dat het wèl bestaan Gods ons blijkt uit ons gevoel van afhankelijkheid aan een hoogere macht. “Eindelijk gevoelt zich de mensch zelfs in zijn bestaan afhankelijk van een hoogere macht, wier wetten hij tevens in de uitspraken van zijn zedelijk gevoel opmerkt. Dit gevoel is de bouwstof der godsdienstleer.”

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings