Note 4 — HOOFDSTUK V.
Reading edition
Eenen koning ken ik, Hij heet Heer Lodewijk Die gaarne God dient, Omdat Hij het hem loont. Toen dit alles geschied was, Beproeven wilde God hem, Of hij ook moeite Zoo lang kon verduren. Hij liet heidensche mannen Over de zee komen, Om de Franken Te herinneren aan hun zonden. Doch God had erbarmen, Hij wist al dien nood, Hij beval Heer Lodewijk Terstond derwaarts te rijden.”