Note 2 — LYON, DE RHONE EN DE TOOVERKOL VAN AVIGNON.
Reading edition
In potsierlijke hoekigheid van omtrek, en het onmogelijke van het perspectief, waren zij niet ongelijk aan de houtsneden in oude boeken maar het waren olieverf-stukken, en, evenals de schilder der familie Primrose2, was de kunstenaar niet karig met zijne kleuren geweest. In een van deze werd aan eene dame een teen afgezet—eene operatie waarover werd gewaakt door een persoon, als heilige voorgesteld, die op een wolk in het vertrek was komen zeilen. In een ander tafereel lag eene dame te bed, die zeer netjes en zorgvuldig was ingepakt, en met veel bedaardheid staarde op een drievoet met een groot bekken er op, in den gewonen vorm van eene waschtafel, en zijnde, behalve hare legerstede, het eenige meubelstuk in haar vertrek. Nooit zou men hebben verondersteld, dat zij aan eenige ongesteldheid leed, behalve het ongemak, dat zij op eene wonderdadige wijze klaar wakker was gehouden, indien niet de schilder op het denkbeeld ware gevallen, haar geheele gezin geknield in een hoek te plaatsen, met de beenen als laarzen-beenen achteruitstekende op den grond, waarboven de Maagd, op eene soort van blauwen divan (of sofa), beloofde, de lijderes te herstellen. In een ander stuk was eene dame voorgesteld, op het oogenblik dat zij onmiddellijk buiten de stadsmuren werd overreden, door eene soort van wagen in den vorm eener piano-forte. Maar ook daar was de Maagd er bij. Hetzij nu de bovennatuurlijke verschijning het paard (een kastanjebruine griffioen) had moeten doen stilstaan, of hetzij die onzichtbaar voor het beest was, ik weet het niet; maar het galoppeerde heen, ding-dong, zonder den minsten eerbied of wroeging. Op elke schilderij waren de woorden „Ex voto” met gele hoofdletters in de lucht geschilderd.