Note 4 — INLEIDING TOT DE SAGE VAN EREC EN ENIDE.
Reading edition
Professor W. Foerster daarentegen is hieromtrent eene gansch andere meening toegedaan. Volgens hem zijn de begrippen van het “Verliegen”—alsook van de innige, echtelijke liefde tusschen held en heldin—zuiver Fransche bestanddeelen, die slechts door een Fransch dichter als Chrétien aan het verhaal kunnen zijn toegevoegd. Volgens hem waren deze beide voorstellingen den Kelten geheel vreemd, eene stelling welke derhalve in lijnrechte tegenspraak is met die van Paris. Wel vinden wij hetzelfde thema reeds vóór het ontstaan van “Erec” behandeld in den “Roman d’ Alexandre”, maar ook in de figuur van den Macedonischen held wordt het ideaal van een Fransch ridder uit dien tijd geteekend.4 Volgens Foerster dient dus aan Chrétien in de vervaardiging van zijn “Erec” de grootst mogelijke oorspronkelijkheid te worden toegekend.