← Table of contents
Reize door Frankrijk

Note 9 — Drie en Twintigste Brief.

Reading edition

Den 28 dezer, na bij den Heer Lacour nog eenige kunststukken en oude medailles, waarvan een gedeelte alhier omtrent de voorstad St. Seurin gevonden werd, gezien te hebben, ging ik met hem het Museum van Natuurlijke Historie, Schilderijen, Oudheden; enz, bezigtigen. Het behoort aan bijzondere personen, die het voor geld laten zien; doch daar de Heer Lacour met hun bekend was, kostte het ons niets. In eene ruime en fraaije zaal, waarin het licht van boven invalt, ziet men verscheidene schilderijen, waar onder eenige fraaije: op de lijsten van de meesten leest men den naam van den een of anderen voornamen meester. In dezelfde zaal ziet men eenige wapenen en andere werktuigen van zoogenaamde Wilden, eenige opgezette en in wijngeest bewaarde dieren, mineralen, enz. doch de opgezette dieren waren zeer door de mot beschadigd; twee mummien of gedroogde lijken van Teneriffe, een groote oude lijkbus van gebakken steen, die te Toulouse gevonden was, eenige aardevaten der ouden, fraai gemaakt, en glad en blinkende, of zij verglaasd waren, enz. In een andere pot of lijkbus met een deksel, toonde men nog eenige half verbrande beenderen, die men zeide dat ’er in gevonden waren. Men liet ’er ook eenige traanflesjes (lacrimatoires) die hier omstreeks gevonden waren, zien; doch het geen ik bijzonder merkwaardig vond, was een genoegzaam vierkante steen, naar gissing omtrent 3 voeten hoog, en wat minder breed; op drie zijde was beeldhouwwerk en basrelief van eene goede teekening, verbeeldende de middelste en breedste zijde Jupiter en Ganimedes, en de twee anderen Juno en Leda. De zoon van den Heer Lacour heeft deze beeldtenissen geteekend en gegraveerd. Ik zend ’er u hier nevens een afdruk van. De trekken die gestipt zijn, heeft hij, als genoegzaam verwoest, bijgeteekend. Deze steen is pas omtrent drie weken geleden gevonden, bij het graven van een’ kelder voor een nieuw huis dat gebouwd wordt, ter zijde van het Hotèl van de voormalige Intendance, en de straat genaamd rue des Fosses9 de l’intendance. Men veronderstelt dat deze steen gediend heeft tot een piedestal van het beeld van Jupiter; hebbende de ruwe of onbewerkte zijde tegen den muur gestaan, misschien in den tempel van Jupiter, waar van ik hier voor gesproken heb. In vroegere tijden is hier, zoo als de naam van de straat nog aanduidt, een gracht geweest, en deze steen is daar welligt met andere afbraak in geworpen om dezelve te dempen. Het gemelde huis en kelder nog niet voltooid zijnde, zag ik daar nog verscheidene bewerkte steenen, half in den grond liggen; op sommigen was loof- en lijstwerk van een’ goeden smaak, doch ik zag ’er ook een, waarop eenige beeldtenissen waren, die ’er vrij Gothisch uitzagen. Alle deze steenen, geelachtig van kleur, behooren tot de soort, die men hier omstreeks en in de meeste steengroeven van Frankrijk vindt, en doorgaans gebruikt wordt, om te bouwen. Oudheidkundigen zullen hunne gevoelens over den opgemelden steen denkelijk wel bekend maken.

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings