Note 2 — VOORWOORD.
Reading edition
Dit wijst er op, dat Tagore een waarlijk goddelijke zanger is, dat hij door de beving van zijn blijde ziel de harten zijner toehoorders weet te ontroeren. Vele zijner gedichten uit de Gitanjali getuigen onmiddellijk van deze innerlijke bewogenheid, van dit: dat hij „de harp zijns levens gestemd heeft naar de nooten van altijd-duur.”2