Note 72 — Van 1265 tot 1860.
Reading edition
Inmiddels, waren Jan van Brabant en zijne echtgenoot naar Brabant gereisd, alwaar hunne tegenwoordigheid vereischt werd. Van die gelegenheid nu, maakte Jan van Beijeren gebruik, om zich meer gezag aan te matigen, dan hem toekwam. Op eigen gezag, zoo vermeldt Wagenaar, ging hij nu de Kabellaauwsch gezinden, aan wie hij zijne bevordering te danken had, in de regering der steden op het kussen brengen, en zoo vinden wij dan ook bij van Kinschot vermeld, dat hij in het jaar 1420, Treneijs Pietersoon in Oudewater tot Schout benoemde,72 die hoogstwaarschijnlijk tot dien genoemden aanhang, en van zijne vrienden was.