Note 53 — Van 1265 tot 1860.
Reading edition
Loopen wij echter onzen tijd niet vooruit. Wij hebben reeds opgemerkt, dat Albrechts financiële toestand, in eenen slechten staat verkeerde. Dit was ten jare 1400 van dien aard, dat hij wegens vroegere gedane beden noch van de steden, noch van de bijzondere personen eenige hulp kon verkrijgen.53 Zoolang het dus niet hoog noodig was, had hij Jan, Heer van Arkel die het ambt van Stadhouder en Rentmeester der grafelijke inkomsten van Holland bekleedde, niet zeer lastig gevallen om behoorlijke verantwoording zijner bestiering, doch nadat hij dit nu tien achtereenvolgende jaren was in gebreke gebleven, vorderde Albrecht omtrent dezen tijd dit zoo scherp, dat van Arkel zich zoo beleedigd gevoelde, dat hij voornam Hertog Albrecht openlijk den oorlog aan te doen.54