← Table of contents
Oorlogsfilosofie

Note 46) — III. DE KEPER.

Reading edition

Men zou het bijna denken, wanneer men bij Steinmetz leest: „Das äusserste Mittel darf nicht aus dem Arsenale verschwinden. Die Einzelpersonen haben den Kampf mit allen Mitteln nur deshalb an den Staat übertragen, weil der Staat ihnen mit seinen Mitteln Hilfe leisten kann.... Die Individuen, die ihr äusserstes Kampfmittel an den Staat abtraten und darauf den Volksgenossen und den Einzelnen gegenüber ganz Verzicht leisteten, mussten dafür im äussersten Falle auf den Staat mit seinen vollen Machtmitteln rechnen können.” (Ph. d. Kr. 215). Waar we belanden met zulk een beroep op de staat, niet als rechtshandhaver, maar juist als geweldenaar? Wel, zegt Steinmetz, wie individueel wedijverend met alle zedelike en geestelike krachten het onderspit moeten delven, kunnen nog door kollektief geweld winnen. Dus altans intellektueel contraselektie? Nu ja, dat is een ander hoofdstuk. Maar waarom zouden de zwakkeren, individueel minderwaardigen, heet het nu, van hun kollektief wapengeweld afstand doen? Als de individuele Rus het zonder geweldpleging zou afleggen van de individuele Jood, dan heeft hij nog zijn Russies staatsgeweld, dat kan en moet bijspringen, terwijl een Joodse staat ontbreekt. „Da ist es wohl sehr begreiflich, dass der Jude keine[?!] staatliche Hilfe verlangt und meist kein Freund der Kriegsgefahr ist [de niet-jood wel?], und dass umgekehrt der Russe auf die grosse kollektive Kraft seines Staates nicht gerne verzichtet, auch nicht seinen individuell stärkeren Gegnern zuliebe.” (216). Waarom zou dus, zo vervolg ik, de staat zijn Russen niet met Jodenontrechting, pogroms en derg. mogen steunen? „Weshalb sollte doch nur” zo vervolgt Steinmetz „diese Kategorie von Kräften unbenutzt bleiben? Weil sie Opfer fordert? aber tut das die individuelle Konkurrenz vielleicht nicht? Den Schwächeren in dem letzteren Kampfe darf man diese Waffe nicht versagen und die Sieger dürfen nicht verlangen, dass ihre Gegner, die sonst unterliegen würden, ihnen zu Gefallen diese letzte Wehr wegwerfen” (ibidem).

Wanneer dus weer dit redebeleid niet voor echt-Russiese pogroms van staatswege pleit—en ik kan mij niet voorstellen, dat het er naar Steinmetz' bedoeling voor zou pleiten—waarom pleit het dan wèl voor oorlog—of liever—pleit het niet even sterk tégen zulk een oorlogsverdediging als het vóór zulke pogroms pleit? Wederom—wie te veel bewijst bewijst niets, of liever, pleit zich zelf ad absurdum!

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings